Op expeditie door de Theatercollectie van de UvA (Stichting TIN)

  • 0
  • februari 11, 2016

Op expeditie door de Theatercollectie van de UvA (Stichting TIN)

Op 18 februari a.s. is kostuumontwerper Joost van Wijmen te gast bij de Theatersalon, een initiatief van Bijzondere Collecties UVA (TIN). Aanleiding is de toevoeging van de kledingstukken en accessoires uit de Theatercollectie aan het platform Modemuze.nl. Ter voorbereiding bezocht Joost het depot van het TIN/ Bijzondere Collecties UVA. Het bracht hem tot een aantal prikkelende bespiegelingen over verzamelen, bewaren en vergeten.

“In de laatste week van januari bezocht ik de collectie van het voormalige TIN (Theater Instituut Nederland). Deze collectie bevindt zich momenteel in een bedrijvenverzamelgebouw in Amsterdam Zuidoost. Een pand met een geheel andere uitstraling dan de eerdere locaties van het TIN. Niets was terug te herkennen van de grandeur van het pand aan de Herengracht of het latere pand aan de Sarphatistraat, beiden in centrum Amsterdam. Nu herbergt een non-descript bedrijfspand de collectie van het voormalig TIN.

Ik zag tal van theateraffiches, kostuums, maquettes, rekwisieten en poppen. Sommige vond ik van ontroerende schoonheid; anderen vormden treurige resten van een vervlogen periode. Ze zijn allen zorgvuldig opgeborgen en keurig gearchiveerd. Het was fascinerend om aan de hand van de collectie een goed zicht te krijgen op de ontwikkeling van het theater in het algemeen en scenografie in het bijzonder gedurende de afgelopen 150 jaar. Het geeft daarmee indirect ook een beeld van de maatschappelijke en politieke bewegingen van Nederland in diezelfde periode. Welke stad eerde welke diva? Hoe groot waren budgetten van gerenommeerde gezelschappen in de wederopbouw? Waarom verdween de poppenkast? Wat zeggen de kostuums van het jeugdtheater over de rol van deze theatervorm in de jaren tachtig?

Het Kamertoneel van Van Slingelandt staat onttakeld opgeslagen. De ooit met zorg genaaide kostuums, geplakte maquettes en parafernalia van grote acteurs en actrices staan in Zuidoost doelloos te staan. Geen bezoeker die er meer naar kijkt, op de medewerkers van het TIN en een sporadische onderzoeker of journalist na. Om de hoek ligt de Amsterdam Arena, een stadion dat zich geregeld vult met grote hoeveelheden bewonderaars. Ze komen om voetballers te zien performen of om toppers te zien entertainen. Wat zoekwerk op Google toont dat afgelopen seizoen welgeteld 858.330 mensen de Amsterdam Arena bezochten. Wat zegt dat verschil aan bezoekers? Hoeveel bezoekers kent de collectie van het voormalig TIN? Hoe is het om eerst beroemd te zijn en later vergeten te worden? Waarom archiveren en collectioneren we een kunstvorm als theater?

Het bezoeken aan de collectie riep bij mij ook andere vragen op. Vragen over de tijd waarin ik werk in het theater. Wat zegt de locatie en de collectie over het huidige theaterklimaat in Nederland? De (kostuum)collectie eindigt ongeveer halverwege de jaren negentig van de vorige eeuw. Dat betekent dat de afgelopen twintig jaar niet zijn gecollectioneerd. De medewerkers zijn goed op de hoogte van de eigen collectie maar huidige theatermakers als Benjamin Verdonk of Schwalbe zijn niet of nauwelijks in beeld. Zou dit misschien zijn omdat de eerste Vlaams is en de collectie zich richt op het Nederlandse theater? Of is er iets aan de hand van een meer fundamentelere aard?

Ga ook op expeditie naar het winderige bedrijventerrein in Amsterdam Zuidoost. Maak een afspraak en bezoek de Theatercollectie / Bijzondere Collecties UvA (Stichting TIN). Misschien roept het ook vragen op. Mail die dan vooral aan het Platform-Scenography.

Laat een reactie achter